Ga naar inhoud

RDW keuring camper: proces, kosten en afspraak maken

Wil je je bestelbus omregistreren naar kampeerauto, dan moet je langs de RDW voor een keuring. De eisen gaan over vaste inrichting, gas, gordels en gewicht; het duurste struikelblok is meestal een extra zitplaats. Controleer de eisen en tarieven altijd op rdw.nl en belastingdienst.nl, want ze veranderen.

Waarom en hoe de RDW-keuring werkt

Bouw je een bedrijfsauto (grijs kenteken) om tot camper, dan moet de RDW de aanpassingen goedkeuren. Na goedkeuring wordt je voertuig geregistreerd als kampeerauto (voertuigcode M1/SA) en kom je in aanmerking voor het halftarief motorrijtuigenbelasting: sinds 1 januari 2026 betaal je de helft van het normale personenautotarief.

Zo werkt het:

  1. Maak een afspraak via rdw.nl (inloggen met DigiD). Kies 'personenauto' en 'wijziging(en) aan het voertuig'.
  2. Rijd op de keuringsdag de kortste route naar het keuringsstation. Het voertuig moet verzekerd zijn.
  3. Neem een geldig legitimatiebewijs mee. Dat is het enige verplichte document. Het kentekenbewijs is niet verplicht, maar versnelt de aanmelding aan de balie. Heb je een gaskeuringsrapport, neem dat dan ook mee.
  4. De keuring duurt gemiddeld 45 minuten.
  5. Na goedkeuring (en bpm-aangifte als je voertuig bpm-plichtig is) ontvang je binnen 5 werkdagen een nieuw kentekenbewijs. Pas daarna mag je de weg op. Kwam je voertuig uit categorie N (bedrijfsauto), dan krijg je een nieuw kenteken: nieuwe platen laten maken en je verzekering informeren.
  6. Controleer bij de Belastingdienst hoe het kampeerautotarief voor de motorrijtuigenbelasting in jouw situatie wordt toegepast.

Wanneer je moet omregistreren en wanneer niet

Omregistreren naar de voertuigsoort kampeerauto is geen verplichting die vanzelf ontstaat op het moment dat je een bed in een bestelbus zet. Het is een keuze met gevolgen aan beide kanten, en het loont om die bewust te maken.

Wat het oplevert: een ander tarief voor de motorrijtuigenbelasting, een verzekering die bij een camper past, en de zekerheid dat de inrichting bij een controle klopt met wat er op het kentekenbewijs staat.

Wat het kost: de keuring zelf, en de eis dat je bus blijvend aan de inrichtingseisen voldoet. Sloop je later de keuken eruit om spullen te vervoeren, dan klopt de registratie niet meer.

Blijft de bus geregistreerd als bestelauto, dan mag je er nog steeds mee reizen en in slapen, maar dan gelden de regels voor een bestelauto: het belastingtarief, en bij een controle de vraag of de lading vastzit. Voor wie een paar weekenden per jaar weggaat met een eenvoudige inrichting kan dat een verdedigbare keuze zijn.

De afweging hangt vooral samen met hoe permanent je inrichting is en hoeveel je rijdt. Reken beide tarieven door voordat je de afspraak maakt.

De eisen op een rij

Er zijn twee sets eisen. De RDW keurt de registratie als kampeerauto; de Belastingdienst stelt strengere eisen voor het halftarief wegenbelasting. In de praktijk bouw je naar de strengste set (die van de Belastingdienst) en let je daarnaast op zicht en certificaten.

De RDW controleert:

  • Zitplaatsen en een tafel (de tafel mag eenvoudig weghaalbaar zijn)
  • Een bed (mag gemaakt worden van de zitplaatsen)
  • Een kookgelegenheid
  • Opbergruimte
  • Alles vast bevestigd in het woongedeelte
  • Vrij zicht: betimmering of een watertank mag het zicht niet blokkeren, ook niet onder het voertuig
  • ECE-R10-keurmerk op apparaten die tijdens het rijden aan kunnen staan (omvormer, koelkast, verlichting)

De Belastingdienst eist daarnaast voor het halftarief:

  • Een binnenruimte waar een blok van 170 cm hoog, 200 cm lang en 90 cm breed in past, gemeten ná de wandafwerking. Met een hefdak mag de vaste hoogte 130 cm zijn.
  • Minimaal 2 vaste zitplaatsen (bestuurder en bijrijder tellen mee als hun stoelen draaibaar zijn)
  • Een vaste tafel, die eenvoudig verwijderbaar mag zijn
  • Slaapplaatsen voor 2 personen: een tweepersoonsbed van minimaal 180 x 110 cm, of 2 aparte slaapplaatsen van elk minimaal 180 x 60 cm
  • Minimaal 2 vaste, afsluitbare opbergvakken
  • Een vast keukenblok (werkblad minimaal 60 cm hoog) met spoelbak, kraan en afvoer, plus een vast ingebouwde kookgelegenheid

Gasinstallatie

Gebruik je gas voor koken of verwarmen, dan gelden strenge eisen volgens NEN-EN 1949:

  • Laat de installatie keuren door een erkend gasbedrijf. Die G607-keuring is in Nederland niet wettelijk verplicht, maar verzekeraars en stallingsbedrijven vragen er vaak om. Neem het rapport mee naar de RDW-keuring
  • Gasflessen staan in een afgesloten, geventileerde ruimte met ventilatie onderin naar buiten (gas is zwaarder dan lucht)
  • Gasleidingen zijn van koper of goedgekeurde flexibele leiding, met een afsluiter die van buitenaf bereikbaar is

Tip: kook je elektrisch en verwarm je met een dieselkachel, dan heb je geen gasinstallatie nodig en vervallen deze eisen. Dat scheelt kosten en keuringsstress.

Extra zitplaatsen en gordels: de duurste valkuil

Voor zitplaatsen en gordels die tijdens het rijden gebruikt worden gelden strenge Europese veiligheidseisen. Een extra zitplaats toevoegen, draaiplateaus monteren of gordelbevestigingspunten wijzigen betekent vrijwel altijd een extra keuring met hoge kosten. Je moet met een certificaat aantonen dat de stoel én de bevestiging aan de eisen voldoen.

Twee praktische uitwegen:

  • Gebruik gecertificeerde stoelconsoles en draaiplateaus met een COC-verklaring en bewaar de papieren
  • Gebruik je een zitplaats niet tijdens het rijden, markeer dat dan duidelijk, bijvoorbeeld met een sticker. Dan telt hij niet mee bij de beoordeling.

Let op: het aantal zitplaatsen op het kentekenbewijs bepaalt met hoeveel personen je in de camper mag rijden.

De afspraak voorbereiden

De keuring zelf duurt kort; het is de voorbereiding die bepaalt of je in één keer klaar bent. Wat je meeneemt en wat je van tevoren regelt:

  • Het kentekenbewijs en een geldig legitimatiebewijs
  • Als er gas aan boord is: het keuringsbewijs van de gasinstallatie, want dat wordt apart beoordeeld
  • Bewijs van de gebruikte materialen waar dat kan, bijvoorbeeld voor de bekleding en de bevestiging van meubels
  • Foto's van de bouw, vooral van wat er nu achter een plaat zit

Zorg dat alles wat vast moet zitten ook echt vastzit, niet met spanbanden maar met bouten in de constructie. Meubels die kunnen schuiven zijn de meest voorkomende reden om terug te moeten komen.

Maak de bus leeg van losse spullen, zodat de keurmeester bij alles kan. Een garage vol gereedschap kost tijd en irritatie.

Plan de afspraak niet op de dag dat je op vakantie vertrekt. Kom je iets tekort, dan heb je tijd nodig om het te herstellen en een nieuwe afspraak te maken, en dat is met een geplande reis achter je een slechte combinatie.

Praktische tips voor een vlotte keuring

  1. Weeg je bus vooraf op een weegbrug en blijf onder het toegestane maximumgewicht (GVW).
  2. Zorg dat alles vast zit. De keurmeester kan aan meubels en apparatuur schudden.
  3. Print de ECE-R10-certificaten van je omvormer, koelkast en verlichting en neem ze mee.
  4. Meet de binnenruimte na het aftimmeren. Een paar centimeter te weinig stahoogte kost je het halftarief.
  5. Ruim het voertuig op zodat de keurmeester overal bij kan.

Afkeuring betekent opnieuw keuren en weken vertraging, dus neem de tijd voor de ombouw.

Wat er gebeurt als er iets niet klopt

Afgekeurd worden is geen ramp maar een lijst met punten. In de meeste gevallen gaat het om zaken die in een middag te herstellen zijn: een meubel dat niet stevig genoeg vastzit, een zitplaats zonder goede gordelbevestiging, een gasinstallatie zonder geldig bewijs of een keuken die niet aan de eisen voldoet.

Wat er dan volgt is herstel en een nieuwe beoordeling. Wat dat kost aan tijd en geld hangt af van wat er mis is en van hoe snel je opnieuw terecht kunt.

De punten die het vaakst terugkomen zijn bijna allemaal constructie en geen inrichting: bevestigingen die alleen in de betimmering zitten in plaats van in het chassis of in een verstevigde ondergrond. Dat is ook het punt waar je bij het bouwen het meest aan hebt om vooruit te denken, want een meubel achteraf goed vastzetten betekent de betimmering eruit.

De beste voorbereiding is dus niet de dag voor de keuring maar de dag dat je de eerste bout zet. Zoek de eisen op voordat je begint te bouwen, en bewaar foto's van elke fase; die twee dingen samen voorkomen het grootste deel van de teleurstellingen.

Bereid je keuring voor

Gebruik onze RDW-checklist om te controleren of je aan alle eisen voldoet, en check je laadvermogen vooraf.

Veelgestelde vragen

Wat zijn de inrichtingseisen voor een camper?

De RDW eist zitplaatsen met een tafel, een bed, een kookgelegenheid en opbergruimte, allemaal vast bevestigd in het woongedeelte. Voor het halftarief wegenbelasting stelt de Belastingdienst aanvullende eisen: een binnenruimte van minimaal 170 x 200 x 90 cm, slaapplaatsen voor 2 personen, een keukenblok met spoelbak en kraan, en minimaal 2 afsluitbare opbergvakken.

Wat kost een RDW-keuring voor een camperombouw?

De actuele tarieven voor de keuring bij de RDW staan op rdw.nl. Houd daarnaast rekening met de kosten van een gaskeuring als je gas aan boord hebt, en met een herkeuring bij afwijzing. Pas je zitplaatsen of gordels aan, dan komt daar een aparte en duurdere keuring bij.

Hoe lang duurt een RDW-keuring?

De keuring zelf duurt gemiddeld 45 minuten, afhankelijk van het aantal aanpassingen. Na goedkeuring en akkoord van de Belastingdienst ontvang je binnen 5 werkdagen een nieuw kentekenbewijs. Pas daarna mag je met het voertuig de weg op.

Mag ik extra zitplaatsen maken in mijn camper?

Ja, maar hiervoor gelden strenge veiligheidseisen. Je moet met een certificaat aantonen dat de stoelen en de bevestiging aan de Europese eisen voldoen, en er is vaak een extra dure keuring nodig. Ook draaiplateaus onder de cabinestoelen vallen hieronder. Een zitplaats die je niet tijdens het rijden gebruikt, markeer je bijvoorbeeld met een sticker.

Kan ik afgekeurd worden bij de RDW?

Ja, de meest voorkomende afkeurredenen zijn: overgewicht, een gasinstallatie die niet aan NEN-EN 1949 voldoet, losse meubels, ontbrekende ECE-R10-certificaten en niet-goedgekeurde zitplaatsen of gordels. Gebruik onze checklist om dit te voorkomen.

Hoe hoog moet een camper van binnen zijn?

Voor de RDW-registratie geldt geen minimale hoogte. Voor het halftarief wegenbelasting eist de Belastingdienst een binnenruimte waar een blok van 170 cm hoog, 200 cm lang en 90 cm breed in past, gemeten na de wandafwerking. Met een hefdak mag de vaste hoogte 130 cm zijn, mits uitklapbaar tot 170 cm over minimaal 100 x 90 cm.

Moet ik mijn camper laten keuren als ik niet omregistreer?

Als je niet omregistreert naar kampeerauto is er geen RDW-keuring nodig. Maar dan blijft je voertuig een bedrijfsauto en kom je niet in aanmerking voor het halftarief wegenbelasting. Ook je verzekering kan moeilijk doen bij een niet-geregistreerde ombouw.