Ga naar inhoud

Gasinstallatie in je camper: eisen, keuring en veiligheid

Als je gas wilt gebruiken voor koken of verwarmen in je camper, moet je installatie voldoen aan strenge veiligheidsregels. De Europese norm NEN-EN 1949 en de Nederlandse praktijkrichtlijn NPR 2577 beschrijven precies waar je gasinstallatie aan moet voldoen. Die schrijven voor hoe het gascompartiment eruitziet, welke leidingen en koppelingen mogen en wie er mag keuren.

Bereid je RDW-keuring voor

NEN-EN 1949: de norm voor gas in campers

NEN-EN 1949 is de Europese norm voor LPG-installaties in recreatievoertuigen. Deze norm beschrijft de eisen voor het volledige gassysteem: van de gasfles of -tank tot en met de aansluiting op de gasapparatuur.

De norm stelt eisen aan:

  • Het gascompartiment (opslag van gasflessen)
  • De leidingen en koppelingen
  • De drukregelaar
  • De gasapparatuur (kooktoestel, kachel)
  • De ventilatie

In Nederland wordt daarnaast de praktijkrichtlijn NPR 2577 gebruikt, die is afgeleid van NEN-EN 1949.

De LPG-installatie voor huishoudelijk gebruik moet gescheiden zijn van een eventuele LPG-installatie voor de aandrijving van het voertuig.

Het gascompartiment: eisen en uitvoering

Gasflessen moeten opgeslagen worden in een gascompartiment (gaskast) dat aan strenge eisen voldoet:

  • Het compartiment moet gasdicht zijn ten opzichte van de leefruimte: gebruik kit en rubber afdichtstrips op de deur zodat uitgestroomd gas niet de woonruimte in kan.
  • In de bodem moet een ventilatieopening van minimaal 100 cm² zitten met een directe verbinding naar buiten. LPG is zwaarder dan lucht en zakt naar beneden, dus ventilatie aan de onderkant is essentieel.
  • De ventilatieopening mag niet afgedekt worden door de gasfles zelf.
  • Er mogen geen open vlammen of elektrische apparatuur in het compartiment zitten die vonken kunnen veroorzaken.
  • Het compartiment moet stevig genoeg zijn om de gasflessen te borgen tijdens het rijden.
  • Idealiter plaats je ook een ventilatierooster in de zijwand van het compartiment voor extra doorstroming.

Tip: bouw het gascompartiment bij voorkeur aan de buitenkant van de camper (onder de vloer of in een zijkast met buitentoegang). Dit is veiliger en bespaart binnenruimte.

Leidingen, koppelingen en apparatuur

De gasleidingen moeten voldoen aan specifieke eisen:

  • Gebruik koperen leidingen (8 mm buitendiameter is standaard) of goedgekeurde RVS flexibele leidingen.
  • Alle verbindingen moeten lekvrij zijn: test altijd met lekspray of zeepwater na installatie.
  • De drukregelaar (30 mbar voor propaan) moet direct op de gasfles worden aangesloten.
  • Tussen drukregelaar en apparatuur mag de leidinglengte niet te lang zijn: houd het zo kort mogelijk.
  • Gebruik een gasslang met breekbeveiliging (crashventiel) tussen de gasfles en de vaste leiding.

Voor de gasapparatuur geldt:

  • Kooktoestellen en kachels moeten geschikt zijn voor gebruik in voertuigen: niet elk huishoudelijk apparaat mag.
  • Alle gasapparatuur moet een CE-markering hebben.
  • Een kooktoestel moet een vlambeveiliging hebben (thermokoppel) die de gastoevoer afsluit als de vlam dooft.

Let op: rubberslangen mogen alleen worden gebruikt tussen de drukregelaar en de eerste vaste aansluiting. Ze moeten elke 2-5 jaar worden vervangen (controleer de vervaldatum op de slang).

Gasflessen: welke, hoeveel en waar

In Nederland en België werk je vrijwel altijd met propaan of butaan in stalen of composieten flessen. Propaan blijft tot ver onder nul verdampen en is daarom de keuze voor wie in het voor- en naseizoen reist; butaan geeft bij lage temperaturen nauwelijks druk meer en is alleen zomerspul.

De gangbare maten zijn 5 en 11 kilo. Twee kleine flessen zijn zwaarder in totaal maar makkelijker te tillen en te ruilen, en met twee flessen raak je nooit onverwacht zonder gas: je schakelt over en vult de lege bij gelegenheid. Een 11 kilo fles gaat bij koken alleen vaak maanden mee; met een gaskachel erbij is dat eerder weken.

Wat over de grens speelt is het aansluitsysteem. Vrijwel elk land heeft zijn eigen fleskoppeling en zijn eigen ruilsysteem, en een Nederlandse fles ruil je in Frankrijk of Spanje niet zomaar om. Wie veel in het buitenland komt kiest daarom vaak voor een hervulbaar systeem met een vaste tank of navulbare flessen en een set adapters. Let op dat navullen niet overal is toegestaan en dat je alleen mag vullen wat daarvoor gemaakt is.

Waarom het gascompartiment naar buiten ontlucht

Propaan en butaan zijn zwaarder dan lucht. Lekt er iets, dan stijgt het niet op zoals aardgas thuis, maar zakt het naar het laagste punt en blijft daar staan. In een gesloten camper is dat de vloer, en daar hoeft maar één vonk bij te komen.

Daarom heeft het gascompartiment een ontluchting in de bodem die rechtstreeks naar buiten gaat, en is de kast verder gasdicht van de leefruimte gescheiden. Die opening is geen detail dat je later dichtplakt tegen de tocht: hij is het hele veiligheidsprincipe.

Drie dingen die daarbij horen:

  • De opening zit in of vlak boven de bodem van de kast en komt onderaan in de buitenwand of de vloer uit, zonder bochten omhoog
  • Er zit niets voor of overheen: geen isolatie, geen opbergbak, geen matje
  • De kast zelf is dicht naar binnen toe, ook bij de doorvoer van de leiding en bij de deurrand

De flessen staan rechtop en vastgezet, want een omgevallen fles kan vloeibaar gas naar het reduceerventiel sturen in plaats van damp.

Gasmelder en koolmonoxidemelder

Twee verschillende melders die twee verschillende dingen doen, en die allebei in een camper met gas thuishoren.

Een gasmelder ruikt onverbrand gas: een lek in een leiding, een kraan die openstaat, een brander die uitgaat zonder dat het gas stopt. Omdat propaan naar beneden zakt, hangt die melder laag bij de vloer.

Een koolmonoxidemelder meet iets anders: het gas dat ontstaat bij onvolledige verbranding, bijvoorbeeld bij een verstopte afvoer of te weinig luchttoevoer. Koolmonoxide is reukloos, kleurloos en dodelijk, en het mengt zich met de lucht in plaats van naar beneden te zakken, dus die melder hangt op ademhoogte of hoger, en niet direct boven het fornuis waar de valse meldingen vandaan komen.

Beide melders hebben een houdbaarheidsdatum, meestal vijf tot tien jaar, die op het apparaat staat. Een melder over datum meet niet minder goed, hij meet mogelijk helemaal niet meer. Zet de vervangdatum in je agenda op het moment dat je hem ophangt.

De G607 gaskeuring: wat, hoe en kosten

De G607 is een gaskeuring op basis van NEN-EN 1949, waarbij een keurmeester controleert of je gasinstallatie veilig is aangelegd. In Nederland is deze keuring niet wettelijk verplicht, maar hij wordt wel gevraagd door verzekeraars en stallingsbedrijven, en op veel Duitse campings moet je het keuringsbewijs kunnen laten zien. Voor Duits gekentekende voertuigen is de keuring wel verplicht en moet hij periodiek worden herhaald.

Wat wordt er gecontroleerd:

  • Lekdichtheid van alle verbindingen en leidingen
  • Ventilatie van het gascompartiment (minimaal 100 cm²)
  • Correcte installatie van drukregelaar en breekbeveiliging
  • Vlambeveiliging op alle gasapparatuur
  • Juiste materialen en koppelingen
  • Afscherming van gasleidingen tegen mechanische schade

De keuring wordt uitgevoerd door bedrijven met een daarvoor opgeleide keurmeester. Vraag vooraf een prijsopgave, want de tarieven verschillen per bedrijf.

Heb je gas aan boord, neem het keuringsrapport dan mee naar de RDW-ombouwkeuring. Verplicht is dat niet, maar de keurmeester kan ernaar vragen.

Tip: wil je geen gas? Gebruik dan een dieselkachel voor verwarming en een inductiekookplaat of elektrisch kooktoestel op een omvormer. Dan vervallen alle gaseisen, wat de ombouw eenvoudiger maakt.

Zonder gas bouwen: wat kost dat?

Steeds meer zelfbouwers slaan gas over. Dat scheelt een keuring, een kast, leidingwerk en het gedoe met flessen over de grens, en het maakt de bouw eenvoudiger. Wat ervoor in de plaats komt kost wel iets.

Koken op inductie vraagt een omvormer die de piek aankan, meestal 2.000 watt of meer, en accucapaciteit om die piek te leveren. Een maaltijd koken kost al snel 300 tot 600 wattuur, wat op een systeem met 200 Ah lithium goed te doen is en op een kleine accu niet.

Verwarmen doe je dan met een dieselkachel die uit de brandstoftank van de bus tapt. Die vraagt weinig stroom en veel minder gedoe dan een gaskachel, maar wel een doorvoer door de vloer en een uitlaat.

Warm water komt van een boiler op diesel of elektriciteit, of je slaat het over en gebruikt een waterkoker.

De rekensom is dus niet gas tegenover niets, maar gas tegenover meer accu, een zwaardere omvormer en een dieselkachel. Voor wie toch al een groot elektrisch systeem plant, valt die vergelijking vaak uit in het voordeel van geen gas.

Bereid je RDW-keuring voor

Gebruik onze RDW-checklist om te controleren of je gasinstallatie en overige inrichting aan alle eisen voldoet.

Veelgestelde vragen

Mag ik zelf gas installeren in mijn camper?

Ja, je mag de installatie zelf uitvoeren. Laat hem daarna wel keuren door een erkend bedrijf: de keurmeester controleert of alles volgens NEN-EN 1949 is aangelegd. Neem het rapport mee naar de RDW-ombouwkeuring; verplicht is dat niet, maar de keurmeester kan ernaar vragen. Zorg dat je alle eisen kent voordat je begint, want fouten bij gas zijn levensgevaarlijk.

Moet ik de gaskeuring laten herhalen?

In Nederland is de G607-gaskeuring niet wettelijk verplicht en geldt er dus ook geen wettelijke herhalingstermijn. Verzekeraars, stallingsbedrijven en Duitse campings kunnen wel om een geldig keuringsbewijs vragen, en voor Duits gekentekende voertuigen is periodieke herkeuring verplicht. Controleer wat jouw verzekeraar vraagt. Los daarvan is het verstandig je installatie regelmatig op lekdichtheid te laten controleren, en rubberslangen te vervangen voor de vervaldatum op de slang.

Kan ik gas vermijden bij mijn camperombouw?

Ja. Gebruik een dieselkachel (verwarming) en een inductiekookplaat of elektrisch kooktoestel (koken) op een omvormer. Zonder gas vervallen alle gaseisen, wat de ombouw eenvoudiger en goedkoper maakt. Je hebt dan wel een voldoende grote accu en omvormer nodig.

Hoe lang doe ik met een fles van 11 kilo?

Bij alleen koken voor twee personen is een maand of langer gebruikelijk, afhankelijk van hoe vaak je warm eet. Met een gaskachel erbij gaat het hard: in een koude week kan diezelfde fles binnen tien dagen leeg zijn. Een tweede fles is daarom niet alleen handig maar praktisch noodzakelijk zodra je op gas verwarmt.

Kan ik mijn fles in het buitenland vullen of ruilen?

Ruilen meestal niet, want elk land heeft zijn eigen flessen en koppelingen. Vullen mag alleen als de fles daarvoor is goedgekeurd; een gewone ruilfles is dat niet. Wie veel in het buitenland reist kiest daarom voor navulbare flessen of een vaste tank met een set landadapters, en checkt vooraf welk vulsysteem in het land van bestemming gangbaar is.

Heeft een gasslang een houdbaarheidsdatum?

Ja. Op de slang staat een jaartal, en na verloop van tijd verhardt het rubber en gaat het scheuren, ook als de slang er van buiten nog goed uitziet. Vervangen is goedkoop en eenvoudig, en het is een van de eerste dingen waar een keurmeester naar kijkt. Vervang hem ook meteen als je een gebruikte camper koopt en niet weet hoe oud hij is.

Wat kost een gasinstallatie ongeveer?

Voor het materiaal van een eenvoudige installatie met kast, drukregelaar, leidingwerk, afsluiters en een tweepitskooktoestel moet je rekenen op een paar honderd euro, plus de keuring. Wie het laat aanleggen betaalt de arbeidsuren daarbovenop. Dat is een orde van grootte uit de periode waarin deze gids geschreven is; vraag een actuele prijs bij een installateur of gasspecialist.

Gerelateerde gidsen

Andere gidsen die bij dit onderwerp passen.